Opent in een nieuw tabblad

Sluiten

Logeergezin in Den Helder

Het logeergezin dat 'als vanzelf' ontstond.

Jongen met een gieter die de planten water geeft in een tuin

Al zeven jaar logeert de bijna zestienjarige Thijs een keer in de twee weken bij Frank en Samantha en hun kinderen Lucas (16), Levi (14) en Lisa (2). Inmiddels fietst hij op vrijdagmiddag rond vier uur zelfstandig richting het gezin in Den Helder. Wegdenken is geen optie meer.

Het begon destijds met een losse opmerking op het werk. Thijs’ moeder Judith en Frank werkten samen op een dagbestedingslocatie van cluster ’t Wad. “De clustermanager daar zei: ‘ga eens praten bij de afdeling Kind en Gezin of ze iets voor jullie kunnen betekenen’”, legt Judith uit. “Thijs ging vanwege zijn autisme spectrum stoornis al naar een logeerhuis, maar dat liep niet zo lekker.

En toen zei Frank eigenlijk zo van ‘wat ga je doehoen’”, doet Judith Frank na met een glimlach op een zeurderig toontje. “’Wat moet je daar’. Hij was me helemaal een beetje aan het uithoren. Toen vertelde ik hem dat we op zoek waren naar een logeergezin. En hij reageerde met: ‘O, wij willen graag een logeergezin worden!’ Ik dacht dat hij een grapje maakte want bij Frank moet je altijd een beetje kijken van hoe schat je ‘m in. Frank: “Ja, maar wacht even, ik wilde ook weten hoe het allemaal zat omdat je heel verdrietig was.” Judith: “Ja, oké… We zijn bij elkaar gaan zitten en toen we besloten dat het ons eigenlijk wel leuk leek, hebben we de coördinator van de logeergezinnen erbij gehaald. Die maakte dit natuurlijk niet zo vaak mee, dat het pakketje al klaar lag.”

Die boor aanzetten, dat was Thijs’ entree

Wat ooit begon met een losse opmerking op het werk, groeide uit tot een hechte vriendschap en een logeerplek waar Thijs helemaal zichzelf kan zijn. Frank: “Toen woonden wij hier nog niet. We hadden dit huis net gekocht en de kamer waar Thijs zou logeren daar zakte je nog door de vloer. Precies het weekend dat Thijs voor het eerst kwam, was het klaar. Hij kwam binnen, liep zo door naar de achtertuin waar een bak gips klaarstond met een boor erin en zette zo die boor aan. Dat was het eerste moment van Thijs hier.” Een lachsalvo golft door het gezelschap.

2 mannen en een klein meisje bij een hut die ze aan het schilderen zijn.

Heldere afspraken

Frank: “We hebben meteen afgesproken dat Thijs een keer in de twee weken zou komen. En wij hebben aangegeven dat we het zes maanden wilden uitproberen en dat ook onze jongens het wel leuk moesten vinden.” Samantha: “Het was zoeken en rommelen de eerste maanden, maar de jongens werden al snel vrienden.” Zoeken en rommelen? “Nou, Thijs moest wel heel erg wennen. Een nieuwe structuur, andere regels dan thuis. Andere schermtijden.” Frank: “En in het begin ging hij ook nog weleens gillen als iets niet mocht ofzo. En nu is het al een grote jongen natuurlijk, maar toen was hij echt nog jong. En eigenlijk was het al snel gezellig.” “We hadden een goede structuur. En als hij dan twee weken niet kwam dan miste ik hem ook. Dat heb ik nu nog steeds.

 Samen hebben we ook een groepsapp. Daar regelen we alles in.” Thijs: “Ja, ze hebben een hele groepsapp over mij, maar zonder mij.” Judith: “Ja, hij wil er zelf ook in, maar dan kunnen we niet meer over je roddelen, Thijs!” “Vroeger was een overdracht ook echt nodig”, vult Thijs’ vader Patrick aan. “Door zijn gedrag. Als ie onrustig was bijvoorbeeld. Of er iets anders was om rekening mee te houden.” Frank: “Soms was Thijs een weekend heel rustig en soms vloog ie zowat tegen het plafond.” “En dan wisten wij dat we bijvoorbeeld het weekend niet te vol moesten plannen”, vult Samantha naadloos aan. “Wij hebben best een grote familie en Thijs gaat gewoon mee naar alle verjaardagen, iedereen kent ‘m dus daar moest je weleens wat aanpassen.”

Vast rondje

“Thijs ging vanaf het begin met ons mee in de dag”, gaat Samantha verder. “Maar we hebben wel vaste punten. Zoals op vrijdag gezond eten en op zaterdag niet. Hij gaat mee naar verjaardagen, de camping, de natuur in. Sinds kort loopt hij met Levi een krantenwijk en met Frank zwemt hij in zee.” “En ik game en doe andere dingen met Levi”, vult Thijs aan als ik ernaar vraag. Levi: “Meestal gaan we op zaterdagen naar de stad en dan hebben we een vast rondje. We beginnen met de Albert Heijn.” “Ja, altijd”, grinnikt Thijs. “Daarna de Xenos omdat, ja, de Big Bazaar is weg dus nu is het de Xenos. Dan naar de Used Products.” “Door de hele stad als ik het zo hoor”, reageert Judith. “En zeg maar we doen het niet altijd, maar vaak gaan we nog wel even naar de Vomar”, vervolgt Thijs. Levi: “En dan weer terug naar de Albert Heijn en dan weer terug naar huis.” “Neem je dan wel de bonnetjes mee?”, merkt Frank op. “Want anders kan je toch de volgende supermarkt niet in met je spullen?” Thijs: “Dan is het al op, haha. En ik game met Levi en we zijn op de tuin. Daar planten ze dingen. Volgens mij dingen om te eten. Courgettes. Dat klinkt Frans. De tegels heb ik geholpen met transporteren.” Frank: “Aan die volkstuin was drie jaar lang niets gedaan, hij stond helemaal vol met onkruid. Er staat ook een soort pipowagen op die we gaan opknappen. Kunnen de jongens daar lekker chillen.” Samantha: “Ja, als de jongens hier niet willen zijn kunnen ze van de zomer lekker daar zitten. Het is hier vlakbij, vijf minuten fietsen. Of wij gaan erheen, dan hebben zij hier het huis voor zichzelf. Wel leuk, hoor.”

2 jongens die buiten aan het schilderen zijn.

Wat het oplevert

“Door deze weekenden hebben we meer tijd voor onszelf en voor onze andere zoon”, vertelt Judith. “Al blijf ik het lastig vinden dat uit te spreken. Thijs heeft hier trouwens ook heel veel geleerd. Doordat hij meegaat in het gezinsleven van een ander. Thuis is ie altijd heel kieskeurig met eten. Vroeger ging ik dan ook apart voor hem koken enzo. En dan hoor ik hier dat ie aan de witlof zat.”Samantha lacht: “Nou, witlof is dan wel iets teveel gevraagd.” Judith: “Ja oké, maarre, denk aan: snert, kip tandoori, dingen die we thuis allemaal niet hoefden te proberen. Nou, in het begin voelden we ons echt in de maling genomen. Zo hadden we ook heel lang roldeodorant thuis omdat hij zo’n spuit niet kon hebben. Hij had tandpasta zonder menthol en allemaal dat soort aanpassingen. En hier hoorden we dat hij dat allemaal wel deed. Samantha: “Maar het ging allemaal wel in stapjes, hè. Want we begonnen hier wel met de kruidenhippietandpasta, zo noemden jullie die toch?” Frank: “Gemaakt van linzen, haha.” Samantha: “Dus toen zeiden we tegen Thijs: hier hebben we ook tandpasta voor de man, dus kies maar.”

Lukt het dan ook thuis om dat om te keren? Judith: “Ja, met de toiletartikelen bijvoorbeeld wel en met eten dachten we ook wel: ja, hallo… Kijk, ik hou er echt wel rekening mee als de kinderen iets echt niet lusten, maar we zeiden ook: dat kan je bij Frank en Samantha dus dat kan je hier ook gewoon.” “It’s strange how the mind works. And we still don’t know completely”, mompelt Thijs.

Loslaten

Patrick: “Wat ook wel heel goed is aan een logeergezin is dat je thuis heel erg vasthoudt aan dingen die vroeger gebeurd zijn en daar ga je je begeleiding op aanpassen. Zelf leef je met onzekerheid en een beetje angst en het voordeel van een logeergezin is dat die dat een stuk minder hebben. Die kijken veel meer van een afstandje, dus die zien ook in bepaalde situaties: we kunnen dit nu wel loslaten.

En dat waren dingen die wij dan best wel spannend vonden, maar vanuit vertrouwen dachten we ‘doe maar’. De eerste keer dat wij hoorden dat Thijs in een bootje de sloot op ging hadden wij de vlekken in onze nek staan en Frank en Samantha zeiden: ‘o, maar wij letten wel goed op hoor en hij kan daar toch staan? Niks aan de hand’. En toen dachten we, zo is het ook.”

2 jongens met een emmer in de tuin.

 Samantha: “Dat de jongens bevriend raakten hielp daarin ook heel erg. Ze waren nooit alleen. Ik hoor ze weleens praten over later samen in een huis wonen.” “Nou, dat wordt me een huishouden! Daar mag je wel een schoonmaker op zetten”, plaagt Frank. “Hahahahaha”, is de reactie van Thijs. “Met Lucas heeft hij trouwens ook een goede band, maar die is in zijn hoofd iets ouder en Levi en Thijs zitten op dezelfde golflengte”, vertelt Frank verder. “Ja, dit is het. En dit is het al zeven jaar en we zien wel waar het eindigt. Want dat kan natuurlijk alle kanten op. Thijs is heel slim dus we zien het wel in de toekomst.”

Andere verhalen

  • Henny slaat een bal.

    verhaal

    De taal van afasie

    Henny heeft afasie, waardoor hij beperkt is in zijn communicatieve vaardigheden. Zijn passies zijn altijd gebleven.

  • verhaal

    Het NAH-café: een plek van herkenning

    In het NAH-café ontmoeten mensen met niet-aangeboren hersenletsel elkaar. Een plek waar je jezelf kunt zijn, ervaringen deelt en soms aan een paar woorden genoeg hebt.

  • Tamara loopt met een dienblad in de eetzaal.

    verhaal

    Aan het werk bij woonzorgcomplex Sint Jozef

    Tamara en Danielle: twee enthousiaste medewerkers van Sint Jozef in Wervershoof. Inmiddels hebben zij een vast contract én salaris.

Alle verhalen
Gaby aan het steppen in de polder van Schermerhorn

verhaal

Als je het niet ziet…

Gaby vertelt over leven met een onzichtbare beperking, haar zoektocht naar rust en de kracht van goede begeleiding.

Geert staat met een cliënt in de moestuin.

verhaal

Marketingspecialist in de moestuin van Het Erf

Vrijwilliger Geert Groot miste collega's om hem heen en dus stapte hij naar Het Erf. Inmiddels is een carrièreswitch is niet ondenkbaar!

Eric en broer Jan kijken naar elkaar via een spiegel.

verhaal

Twee perspectieven op hersenletsel

Erics waarheid is soms anders, maar altijd oprecht. Patricia’s perspectief toont het belang van begrijpen en erkennen van ziekte-inzicht.

verhaal

Een kermis op maat

Al vijftig jaar is kermisexploitant Klaas een vertrouwd gezicht op het Zomerfestival. Met oog voor iedere bezoeker maakt hij van de kermis

Robert is aan het rekken en strekken.

verhaal

De BeweegKuur in de startblokken

Met het programma De BeweegKuur worden cliënten begeleid naar positieve veranderingen in hun dagelijkse leven. Robert en Ronald gingen de uitdaging aan!

Hanneke Schrijvers van het Zorgkantoor.

verhaal

Bezoek van het zorgkantoor

Een keer per jaar komt de kwaliteitsexpert gehandicaptenzorg van het zorgkantoor langs op werkbezoek. Hoe dat gaat? Dat lees je hier.

Willem zit trots achter zijn heftruck.

verhaal

Willem slaagt voor zijn heftruckcertificaat

In het bijzijn van zijn trotse ouders krijgt Willem Rijlaarsdam (27) zijn heftruckcertificaat uitgereikt. "Mijn grootste passie is dat ik met een

Tymo en Fred aan het werk

verhaal

Van seniorenproject naar Het Marsdiep

Bij Het Marsdiep werkt jonk en oud(er) samen en dat zorgt voor veel levendigheid in de buurt.

Henny slaat een bal.

verhaal

De taal van afasie

Henny heeft afasie, waardoor hij beperkt is in zijn communicatieve vaardigheden. Zijn passies zijn altijd gebleven.

Amber in gesprek

verhaal

Een smaakvolle carrièreswitch

Amber werkt als zij-instromer bij Esdégé-Reigersdaal. “Ik vind vooral de combinatie tussen de zorgtaken en het sturen op gedrag erg leuk."

Privacyverklaringen