Stel je voor: je hebt een operatie achter de rug in het ziekenhuis. Je bent ontslagklaar, maar nog niet klaar om naar je eigen woning te gaan. Dan kan de Zorgunit een uitkomst zijn. Verpleegkundige Carolien Mels en stagiair-verpleegkundige Ilse Slik vertellen vol enthousiasme over deze tijdelijke, kleinschalige opnameplek aan het Boterbloemerf in Heerhugowaard. Ilse: “Hier kunnen we echt de tijd nemen voor cliënten.”
Carolien: “Bij de Zorgunit kunnen cliënten terecht voor wondbehandeling, revalidatie, aansterken na een ziekenhuisopname of palliatieve zorg. Puur somatisch noemen we dat. De Zorgunit heeft plek voor maximaal vier cliënten. Meestal zijn het interne cliënten, maar we krijgen ook wel cliënten van ‘buiten’. Een opname duurt maximaal zes weken. Als iemand vanuit het ziekenhuis ontslagklaar is, maar nog niet naar huis kan, wordt er contact opgenomen met ons. Meestal door de cliëntbegeleider, clustermanager of de huisarts. Allereerst brengen we de zorgvraag in beeld. We denken dan ook verder dan een opname bij de Zorgunit. Want soms kan iemand met kleine aanpassingen toch wél naar zijn eigen woning.” De verpleegkundigen bij de Zorgunit zijn gespecialiseerd in het verplegen van mensen met een verstandelijke beperking of niet-aangeboren hersenletsel. Ilse: “In het ziekenhuis loopt het vaak spaak in de communicatie en begeleiding. Hier hebben we allemaal ervaring en kunnen we echt de tijd nemen voor cliënten.”

Korte lijntjes
De Zorgunit beschikt over vier privékamers en twee gedeelde badkamers met een plafondlift. Alle kamers hebben een bed, kledingkast, luie stoel en televisie. Ook is iedere kamer voorzien van de nodige slimme apparatuur. Denk aan een leeg bed-melder, epilepsiemelder, uitluisterapparatuur en een handmatige melder. “We lopen vaste rondes, maar cliënten kunnen ons dus ook oproepen”, licht Ilse toe. De cliënten krijgen drie maaltijden per dag plus wat fruit en een koekje. Andere producten of snacks mogen cliënten zelf meenemen.
Carolien: “Ook houden we rekening met voedingsstoffen die het herstel bevorderen. Zo weten we bijvoorbeeld dat eiwitrijke voeding belangrijk is bij wondgenezing. Of als iemand een dieet volgt, zoals glutenvrij of energieverrijkt, passen we dat aan in de maaltijden. Daarnaast hebben we korte lijntjes met diverse specialisten binnen de organisatie; diëtisten, maar ook logopedisten en fysiotherapeuten. Dus we kunnen altijd met hen schakelen in geval van een vraag.”
“We hebben korte lijntjes met diverse specialisten”

Hele verpleegkundige plaatje
“Het komt ook weleens voor dat we een team op locatie uitleg moeten geven”, gaat Ilse verder. “Zo hadden we laatst iemand die was geopereerd en een stoma had gekregen. Na een periode van aansterken bij de Zorgunit, was hij klaar om weer naar huis te gaan. Toen hebben we dat team bekwaam gemaakt met stomazorg. Dat doen we altijd in overleg met TVO (Team Verpleegkundige Ondersteuning, red.), zodat we dezelfde lijn aanhouden binnen de organisatie.” Carolien: “We hebben ook eens een aanmelding gehad van iemand waarvan de buik elke dag gespoeld moest worden. Daar was toen niemand van ons team bekend mee, dus zijn we naar het ziekenhuis gegaan voor bijscholing.”
Ilse: “We denken altijd in mogelijkheden. Op die manier kunnen we zoveel mogelijk cliënten verplegen.” “We kijken altijd naar het hele verpleegkundige plaatje”, vervolgt Carolien. “Zo hadden we laatst iemand met een gebroken been, maar we merkten dat zijn persoonlijke hygiëne niet op orde was. Dan pakken we dat ook mee. Met de begeleiders bespreken we vervolgens hoe je dat somatische stuk thuis kunt combineren met de juiste begeleiding.”
Tijdelijke relatie
Carolien: “De relatie die wij aangaan met een cliënt en zijn netwerk is altijd tijdelijk. Dus wij kunnen wel wat blootleggen als specialisten. Zo hadden we laatst een oudere vrouw met een neusmaagsonde. Ze trok de sonde er meermaals uit en voor het opnieuw plaatsen moest ze telkens naar het ziekenhuis. Maar het vervoer was behoorlijk belastend en afgaande op haar gedragingen, wilde ze die sonde niet. Toen gaven wij aan dat het ook een mogelijkheid is om haar niet meer naar het ziekenhuis te sturen. Dat je ook kunt kiezen voor comfortbeleid in plaats van actief behandelen. Vervolgens gaan we daarover in gesprek met alle betrokkenen. Als een cliënt voldoende is aangesterkt is het tijd om terug te gaan naar de eigen woonplek. Het grootste compliment voor ons is als iemand de tijd bij ons als prettig heeft ervaren en de cliënt en de begeleiders voldoende handvaten hebben voor thuis.”













